06/06/2026
A few weeks ago, in a galaxy far, far away…
5 juni 2026
Mocht de mensheid nog bestaan, dan is ons zonnetje over pakweg vier à vijf miljard jaar opgebrand. Ons energierijke en licht gevende kacheltje is momenteel ‘volwassen’ zou je kunnen zeggen, maar voordat hij zijn laatste fase als Witte Dwerg in gaat wordt hij eerst nog een poosje Rode Reus. In die fase is hij pakweg 100 tot 200 keer groter dan nu en zal hij in zijn baan Mercurius, Venus en waarschijnlijk ons aardse bolletje opslokken. Bovendien geeft hij dan nog altijd zoveel warmte af dat leven zoals we nu kennen niet meer mogelijk is. We zullen dus wel moeten ‘emigreren’ naar een andere bol in die eindeloze ruimte om ons heen. Maar kan dat wel? We vestigen onze hoop op de wetenschap, want de laatste tijd worden er aan de lopende band zogeheten exoplaneten ontdekt. Een exoplaneet is een planeet die buiten ons zonnestelsel om een andere ster c.q. zon draait. Daarmee rijst de volgende vraag, of we daarop nieuwe huisjes kunnen bouwen en in ieder geval een groentetuintje aan kunnen leggen. Immers, we hebben rond ons eigen zonnetje ook nog wel een paar planeten, alleen zijn de omstandigheden daar dusdanig extreem dat je daar liever niet woont. We zullen dus op zoek moeten naar een exoplaneet die in de zogeheten ‘leefbare zone’ zijn rondjes om een geschikte zon draait. In de leefbare zone stellen geleerden dat daar vloeibaar water mogelijk moet zijn, want volgens hen is dat een voorwaarde om leven te laten ontstaan. Daarbij houden ze onze aardbol als referentie aan, want juist hier zou het leven ontstaan zijn in de oceaan is de algemene aanname.
Sciencefiction of…? Je kunt je ook afvragen of er op een van die exoplaneten misschien al leven is ontstaan. En zo ja, hoe ziet dat er dan uit? Hopelijk niet zoals de monsters die de meeste films ons voorschotelen, want dan is de kans tamelijk groot dat we op hun menukaart komen te staan als een voor hen ‘exoplaneet lekkernijtje’. Dat wij hier rond lopen zoals nu gaat ook een geschiedenis aan vooraf. Stel bijvoorbeeld eens dat die meteoriet van circa 65 miljoen jaar geleden de aarde gepasseerd zou hebben? Niet ondenkbaar toch met zoveel ruimte om ons heen? Dan hadden de dinosauriërs zich verder kunnen ontwikkelen, intelligenter geworden (volgens Jurassic Park is dat mogelijk!) en waren de enkele kleine zoogdiertjes destijds, die voornamelijk onder de grond leefden, wellicht nooit tot ontwikkeling gekomen. Bovendien, daarna duurt het nog een knap poosje voordat we als ‘gediplomeerde aap’ van tak naar tak slingeren, om pas pakweg twee à drie miljoen jaar geleden, vermoedelijk door omstandigheden uit pure noodzaak, rechtop te gaan lopen. Als het op het land door de vele dinosauriërs onmogelijk is om te overleven, dan is de kans groot dat intelligent leven zich heeft kunnen ontwikkelen in een van de grote oceanen op onze aardbol. Hoe zouden we er dan uitzien? Waarschijnlijk zonder enige vorm van haargroei, want dat is in het water alleen maar lastig. Niet voor niets zien we weinig vissen in zee, meren of rivieren met een weelderige haardos. Vrijwel zeker hebben we geen voeten aan onze benen, maar zwemvliezen. Kunnen we ons in het water sneller mee ‘uit de voeten maken’ dan met die rudimentaire grijpteentjes. En waar leven we van? Ontwikkelen we ons, net als tegenwoordig, als alles eters? Menuutje van zeewier afgewisseld met, vooruit, een harinkje of garnaaltje. Die kennen we tenminste. Bomen of boomtakken om een hengeltje uit te fabriceren zijn moeilijk te vinden in de oceaan en om die harinkjes of garnalen toch te kunnen vangen zijn onze armen geëvolueerd tot een soort van vangnetten. Vangnetten die er uit zien als grote vleugels. Die hebben een dubbele functie, want in geval van nood zijn we daarmee vanuit het water ‘opvliegend’. Krijg je het door nu we al deze eigenschappen visueel op een rijtje hebben gezet voor je? We zouden er dus uit zien als een soort flink uit de kluiten gewassen eenden! Heus, het had zomaar gekund en ik kijk daarom tegenwoordig heel anders naar de Donald Duck. Pure sciencefiction!
Het kan natuurlijk ook anders. Stel dat er in die eindeloze ruimte een exoplaneet zweeft waar een soort van intelligent leven op woont vergelijkbaar met dat van ons. Zitten die te wachten op pakweg 10 miljard immigranten? Woningnood, voedsel tekorten, vreemde ziektes, taal barrière en ongetwijfeld nemen wij aardbewoners ook ‘de kunst van oorlog voeren’ met zich mee. Wij denken daarom van niet. We houden het er op dat de meest logische stap in het verleden geweest zou zijn om te evolueren tot eend. Mocht de mensheid derhalve uitsterven voordat we onze aardbol node moeten verlaten, dan zullen vermoedelijk eenden onze rol overnemen en op zoek gaan naar een nieuwe woonplaats ‘in a galaxy far, far away’. Onze analyse wordt min of meer bevestigd door de Jeep Club Nederland tijdens het Dutch Jeep Camp. Dat wordt traditiegetrouw gehouden tijdens Pinksteren, voorlopig nog gewoon in het Drentse Zwartemeer. Net als ieder jaar houden ze daarbij een thema aan. En wat is dit jaar het thema? Het uit Canada en USA overgewaaide, humorvolle fenomeen “you’ve been Ducked”, met als soort van mascotte dan wel ‘person of interest’ een (rubberen) eend! Kijk, dat getuigt nu van een vooruitziende blik, zinspelen alvast op de toekomst. Maar voordat de angst voor die verzonnen toekomst je met een wurggreep om het hart slaat, halen we een bekende uitspraak van Einstein aan: “Ik denk nooit aan de toekomst. Die komt snel genoeg”. Dat tijd relatief is weten we eveneens van meneer Einstein, want als je volgens een andere uitspraak van hem “een minuut op gloeiende kolen zit, dan lijkt dat wel een uur, maar als je daarentegen een uur met een leuk meisje zit, dan lijkt dat wel voorbij te zijn gevlogen in een minuut”. Maar ondanks dat denk ik, dat de door ons voorgespiegelde toekomst nog wel even op zich laat wachten, hoe relatief die tijd ook is.
Note: Uitgebreide uitleg van de Jeep Club Nederland omtrent Jeep-Ducking aan de deelnemers van het Dutch Jeep Camp 2026!
Op 10 januari 1992 raakte het containerschip Ever Laurel, onderweg van Hong Kong naar Seattle (VS), in een zware storm op de Stille Oceaan. Door de hevigheid van de storm sloegen twaalf containers overboord. Een van deze containers bevatte 28.800 gele plastic bad eendjes (samen met blauwe schildpadden en groene kikkers), bestemd als bad speelgoed. De bad eendjes, die niet konden zinken, begonnen een onverwachte wereldreis door de zeestromen. Ongeveer twee derde van de bad eendjes dreef zuidwaarts en spoelde na enkele maanden aan op de stranden van Indonesië, Australië en Chili. De overige 10.000 bad eendjes dreven eerst richting Alaska en belandden uiteindelijk in de Beringstraat, waar ze in het pakijs vastraakten. Het ijs bewoog zich met een snelheid van ongeveer twee kilometer per dag, waardoor de bad eendjes langzaam rond de Noordpool cirkelden. In 2000 werden de eerste exemplaren gesignaleerd in de Atlantische Oceaan, en tussen 2003 en 2007 spoelden er nog steeds bad eendjes aan op de kusten van Noord-Amerika, Europa en zelfs het Verenigd Koninkrijk. Door zon en zeewater waren de felgele eendjes inmiddels verbleekt tot wit of grijs. Dit voorval bood oceanograaf Curtis Ebbesmeyer een unieke kans om de zeestromen in kaart te brengen. Door de aanspoelplaatsen en -data van de bad eendjes te analyseren, kon hij belangrijke inzichten verkrijgen over de werking van oceaanstromen, wat de oceanografie aanzienlijk vooruit hielp. Sommige bad eendjes dobberen naar schatting nog steeds rond in de oceanen (en wie weet, op Dutch Jeep Camp van Jeep Club Nederland).
“You are Ducked” — beter bekend als Jeep Ducking of Duck Duck Jeep — is een vrolijk fenomeen waarbij Jeep-rijders een klein rubber eendje achterlaten op een andere Jeep. Meestal ligt het eendje op de motorkap, deurhendel of voorruit, vaak met een kaartje zoals: “Nice Jeep!” Het is bedoeld als compliment en als klein gebaar van vriendelijkheid. De trend ontstond in 2020 in Canada. Allison Parliament wordt algemeen gezien als de bedenker. Na een negatieve ervaring met iemand op een parkeerplaats besloot zij juist iets positiefs te doen: ze legde een rubber eendje op een Jeep met een vriendelijke boodschap. De eigenaar vond het leuk, het werd gedeeld op sociale media, en zo groeide het uit tot een wereldwijde Jeep-traditie. Waarom sloeg het zo aan? Omdat het simpel, goedkoop en herkenbaar is. Jeep-rijders hebben al langer een sterke community cultuur, zoals de bekende Jeep wave. Een eendje achterlaten past perfect in dat gevoel van kameraadschap: je erkent iemands auto, smaak en deelname aan de Jeep-community. Tijdens en na de coronaperiode werkte het bovendien als een laagdrempelig “random act of kindness”.
De relatie tussen de bad eendjes uit 1992 en de Jeep is een leuke, moderne traditie die “Jeep Ducking” heet. Dit is een fenomeen waarbij eigenaars van Jeeps (met name Jeep Wranglers) kleine rubberen bad eendjes op elkaars voertuigen plaatsen, vaak vergezeld van een vriendelijke boodschap zoals “Houd van de Jeep!” of “Je bent ge-Eend!”. De traditie is ontstaan als een vorm van vriendelijkheid en gemeenschapsgevoel onder Jeep-rijders. Het idee is dat je een eendje achterlaat op de Jeep van een andere Jeep-eigenaar als teken van waardering of om een glimlach teweeg te brengen. Hoewel de bad eendjes uit 1992 wereldberoemd zijn geworden door hun onverwachte reis over de oceanen, heeft de Jeep Ducking-traditie zich onafhankelijk van dat voorval ontwikkeld. Toch is het een leuke knipoog naar de iconische status van rubberen eendjes in het algemeen. Mensen laten dus een duckling achter op een Jeep om te zeggen: “mooie Jeep, jij hoort erbij, fijne dag.” Het is geen grap ten koste van iemand, maar juist een compliment. De ontvanger zet het eendje vaak op het dashboard als trofee en deelt een foto met hashtags zoals DuckDuckJeep. Wel goed om scherp te houden: niet elke Jeep-rijder vindt het even leuk, en binnen de community vinden sommigen dat het vooral bij Wranglers hoort, maar daar doen wij met Dutch Jeep Camp een schepje bovenop! Het hoort bij de Jeepers.
Actieve bezigheidstherapie. We wilden dit keer niet met de deur in huis vallen, en vandaar dat we hebben gekozen voor een alternatieve, maar onzinnige introductie waarin toch wat leuke wetenswaardigheidjes verborgen zitten. Wie weet heb je er wat van opgestoken. Zij die het Dutch Jeep Camp met een bezoek vereerden weten dat ze een heel puik weekend achter de rug hebben. Meer deelnemers dan vorig jaar en bovendien weer dat zich van haar beste, zonnige kant laat zien. Voeg daar de succes ingrediënten aan toe van de eerdere edities op herhaling en je weet bijna genoeg. We gaan niet overdrijven, want we willen niet dat je straks met een kaal hoofd rondloopt omdat je de haren uit je hoofd getrokken hebt van spijt. Je bent natuurlijk met je Jeep gekomen en graag wil je de vierwiel aandrijving mogelijk wakker schudden uit haar winterslaap. Dat kan op meerdere plekken op het grote terrein van het Sportlandgoed. De bossen rondom vergen vooral stuurmanskunst maar zijn op sommige plekken ook best geniepig. Verder is er nog het strand waar gereden kan worden en ligt er nog een veldje verborgen waar pittige uitdagingen zijn gecreëerd. Voor de die-hards is daar nog een passage welke tevens het decor vormt voor de ‘Mudcup’ op zondag. Puur terreinrijden kan ook nog door even de zeer nabij gelegen grens met buurland Duitsland over te wi**en naar het Baggerpark. Hou je dat vele terreinrijden even voor gezien en geniet je liever van het fraaie Drentse landschap, dan liggen er maar liefst zes niet te versmaden, tamelijk lange, deels onverharde routes voor je klaar. Om het extra spannend te maken zijn er her en der bordjes verdekt opgesteld met daarop een vraag die je (correct) moet zien te beantwoorden. We noemden al de Mudcup, maar vergeet niet het Concours d’ Elegance bij te wonen. Vanaf het terras en met een drankje leuk om te zien, maar nog leuker is om daar aan mee te doen. Thema deze keer? Niet moeilijk te raden toch? Eenden natuurlijk! Kortom, je hoeft je tijdens het Dutch Jeep Camp geen seconde te vervelen!
Boven: Ook de voortgang van voorzitter Frank Eijk kan belemmerd worden…
Boven en onder: Uiteraard ‘acte de presence’ van de JCN clubshop, maar ook aanbieders van Jeep gerelateerde spullen en accessoires. Grote hoofdsponsor van het Dutch Jeep Camp is al jaren Edwin van der Maas met zijn jeepparts.nl
Boven en twee keer onder: We laten er slechts drie zien, maar de voorpagina van alle zes routeboeken zijn voorzien van eenden van verschillende ‘rassen, formaten en kleuren’ (afkomstig uit alle windstreken). Wat we willen benadrukken is natuurlijk dat het leuk zou zijn dat het fenomeen “you’ve been Ducked” wereldwijd navolging krijgt. Niet te zien maar op de achterzijde van de route boeken valt te lezen: Kwaak, kwaak, kwek, kwaak, kwekkerdekwek, kwekkerderkwik, kwaak, kwik, kwek, kwak. Moeilijk te begrijpen natuurlijk als je de taal ‘eends’ niet spreekt, maar vrij vertaald, en volgens onze kennis van het ‘eends’, staat er zoiets als dat het routeboek na afloop ingeleverd dient te worden.
Boven en onder: Een bad eendje dat wel een erg groot bad vergt…
Boven: Dat riekt ‘sterk’ naar omkoping. Sterker nog, voorzitter Frank Eijk die de deelnemers aankondigt, is daar terecht maar wat gevoelig voor.
Boven: Natuurlijk valt er een flinke prijs te verdienen met het Concours d’ Elegance, te besteden bij hoofdsponsor jeepparts.nl. Ongelukkig genoeg mist fotograaf Ad Woolthuis de prijs uitreiking. We zullen hem genadeloos straffen… (foto is van de Jeep Club Nederland).
Onder: Incognito, alias of een identiteitscrisis? Niets van dat alles, want zoals je ziet “has this Dutch Dog been Ducked”…
Boven en twee keer onder: Het (gezamenlijk) eten is als gewoonlijk super goed verzorgd. Dit jaar zelfs keus uit meerdere menu’s (BBQ’s, pizza etc.).
Boven: In vergelijk met vorig jaar is het weer honderd procent verbeterd. De fikse regen van vorig jaar is nog altijd niet helemaal verdampt in ons brein.
Onder: ‘Oud en Nieuw’ betekent indirect ’tijdloos’.
Boven: Even opstellen voor de ‘schoorsteenfoto’ thuis.
Boven: Op weg naar het Baggerpark dat bijna op steenworp afstand is gelegen van het Sportlandgoed in Zwartemeer.
Boven en onder: Met ‘gevaar voor eigen leven’ een route uitzetten ter voorbereiding van de Mudcup.
Boven: Een voorbeeld van de mogelijke vragen die je tegen kunt komen.
Boven en onder: Enkele beelden gemaakt op het Baggerpark. Modderig water mag je opzoeken, stof komt jou opzoeken, met dank aan het mooie weer.
Boven en onder: Een visueel bewijs dat het weer uitstekend is geweest.
Boven en onder: Jeepers zijn net als veel andere terrein/4×4 liefhebbers verzot op modder. Ze drommen derhalve samen om maar niets van het spektakel te missen, zijnde de die-hard modder fanaten die de diepe bagger aandurven.
Mudrace versus Mudcup. Spetterende actie op de foto hierboven en daarvoor kom je natuurlijk naar de Mudcup. De ‘ellende’ zien van de helden en heldinnen die de modder pogen te tarten en te verslaan. Niet voor niets mag ook het Mudracen zich in een groeiende populariteit verheugen. En om eerlijk te zijn, wij fotografen genieten er van, niet in de laatste plaats omdat het instant leuke en fantastische actieplaatjes oplevert. Van die twee genieten we het meest van de Mudcup. Waarom? Bij het Mudracen is weliswaar de actie meestal wat spectaculairder omdat deelnemers zo snel mogelijk, en daardoor zo ver mogelijk, door een geprepareerde modderbak pogen te komen. Modder spat daardoor hoog op en auto en bestuurder worden rijkelijk bedekt door modder, waardoor je de chauffeur vaak hooguit nog herkend aan het wit van zijn ogen. Staat hij stil, dan wordt hij met een tractor de modderbak uitgesleept. Het is in feite dus niet zo heel moeilijk. Bij een Mudcup is de snelheid veel minder van belang en zie je daardoor de modder meestal wat minder hoog opspatten. Vinden we niet erg, want dan zien we ook wat meer van de auto en diens inzittenden. Afhankelijk van de lengte en zwaarte van de moddersectie is het vrijwel zeker dat ze stil komen te vallen. Om die reden mag hij van ons ook flink pittig zijn, in ieder geval pittig genoeg om er niet rijdend in één keer door te komen. Dan komt namelijk het leukste. De bijrijder of bijrijdster moet er uit om de auto zelf uit de smurrie zien te loodsen, op welke manier dan ook! Van dat harde werken om de auto zo snel mogelijk ’te bergen’ genieten we het meest!
Boven: Knap staaltje om deze jongen even uit het water te vissen. Troost je, naar verluid is de vis weer vrij gelaten en heeft deze er geen nadelige gevolgen van ondervonden.
Boven en onder: We sluiten af met de prijsuitreiking aan de drie hoogst geëindigde winnaars van de Mudcup. Een heerlijke Mudcup waarvan Teraflex (veersystemen) verantwoordelijk is voor de sponsoring, inclusief de prachtige prijzen. Kijk, als dat geen flink spatje waard is.
Fotografie: Ad Woolthuis. Tekst: Martin Brink m.m.v. Jeep Club Nederland.