‘Clout schieten’ bij Handboogschieten Deventer
Wat is een clout verschieting en wat zijn de regels bij een wedstrijdvorm? Het was een soort van oefening van het gericht schieten vanuit een linie van boogschutters op een verre afstand gemarkeerde plek. Bijvoorbeeld met een groot doek of doel pak dat horizontaal op de grond wordt geplaatst en het midden wordt dan gemarkeerd met een vlag. Bij het c
lout schieten mag in principe alleen met traditionele houten handbogen (in de ruimste zin) worden geschoten. Er zijn uitzonderingen hierop, in principe wel combinatie met fiberglas maar geen olympische recurve of compound. Er wordt geschoten met houten of bamboe pijlen. Het woord clout komt van het Engelse woord cloth (stof/doek). De wedstrijd
Een clout wordt altijd geschoten op een open en zo vlak mogelijk veld en als doel wordt er vaak een ronde schijf en onder een bepaalde hoek aan beide zijden van het veld opgesteld. Je kan deze zone dan zien als een soort van liggend doel, Dit doel staat, in principe, voor de mannen op 164 meter en voor de vrouwen, junioren en senioren op 109 meter (180 yards en op 120 yards). Degene die de mannenafstand halen mogen ook met de mannen meedoen. Voor junioren wordt de afstand ook wel aangepast naar 90 of 60 meter. Tijdens de wedstrijd bestaat het schieten uit twee keer twaalf rondes (per wedstrijdhelft dus 6 keer heen en weer schieten op het veld). Per ronde wordt er met 3 pijlen geschoten. Bij grote groepen wijkt men hier wel eens van af, vooral om de wedstrijd sneller te laten verlopen wordt er per ronde met 6 pijlen geschoten. Het totaal van 72 pijlen blijft dan wel hetzelfde. Score tijdens de clout verschieting
Toppunt van iedere schutter is het raken van de ‘clout’, het ronde of vierkante doel in een gemarkeerde cirkel(s) of vierkant. Het ultieme doel is natuurlijk het raken van het middelpunt van de clout. Dit levert in de officiële scoretelling het maximum van 6 punten op, alle pijlen binnen de scorende cirkel(s) zijn dan scorend, bijvoorbeeld dicht bij de clout 5 punten, 4, 3, 2 en 1 punt binnen de laatste cirkel. Het bepalen van de score wordt doormiddel van een stuk touw gedaan, met hierop gemarkeerde stukken gekleurd. Een kant wordt in het midden vastgemaakt en met het andere eind van het touw wordt het strak gehouden en rondgelopen. De pijlen die dan binnen een bepaald kleurgebied van het touw zijn gevallen worden verzameld en uiteindelijk op een één stapel in de betreffende ring neergelegd. De wedstrijdleiding vraag de eigenaren van de scorende pijlen ze te tellen en de score dan te melden aan de schrijvende wedstrijdleiding. Pijlen ophalen en enkele tips
Wanneer de laatste boogschutter klaar is met het schieten van de drie (of zes) pijlen dan worden de pijlen opgehaald. Let nu goed op, het veld ligt bezaaid met allemaal pijlen! De ideale hoek waarin de boogschutter zijn pijlen afschiet is 45 graden, dus de meeste pijlen staan ook onder een hoek in het veld. Vaak zie je toch dat er pijlen worden stukgelopen omdat ze niet mooi zijn neergekomen en gedeeltelijk verscholen liggen in het gras. Daarom loop je niet in dezelfde richting naar de clout waarin ook is geschoten! Je gaat via de ‘zijkant’ van het veld richting de clout. Kijk nu goed vooruit en om je heen en zoek niet naar alleen de pijlen van jezelf maar ook van de medeschutters. Kapot getrapte pijlen meld je netjes bij de eigenaar. Vaak is dit voldoende en hoort een ongelukje dan bij dit spel. Anders stem je samen af wat de kosten zijn. Niet scorende schutters gaan terug naar de wachtpositie en blijven niet rondhangen bij de clout. De schietlijn en -positie
De schietlijn is rechte lijn en ook wel de ‘meet’ genoemd waar alle schutters vanaf moeten schieten. Als er nu teveel schutters zijn om in één keer in linie te kunnen schieten dan wacht de schutter tot er een plek vrijkomt. Dit betekend dan ook dat de exacte locatie waarvan iemand schiet kan variëren! Omdat het doel op een verre afstand staat moet er ook in een hoek worden geschoten. Dit betekend dat een hoek van 45 graden een ideale positie van de schutter is om de clout te kunnen raken. Stand van het lichaam bij een rechtshandige schutter staat het linkerbeen recht onder de (linker)booghand en door je lichaam licht achterover te buigen en je scheenbeen (rechts) wijd naar achteren te zetten. Je armen en benen maken nu een zogenaamde x-vorm. Vanuit de T-vorm kan er geen goeie clout worden geschoten! Allen tegelijk schieten
Af en toe wordt er geschoten in een zogenaamde ‘volley’, dit betekent dat de schutters tegelijk hun pijlen lossen. De wedstrijdleider geeft meestal ook het tempo aan met een aantal commando’s:
1) ‘Ready’ wordt verwacht dat de boogschutters klaar staan met pijl en boog.
2) ‘Nock’ mag de pijl op de boog worden gelegd.
3) ‘Draw’ mag de boog worden uitgetrokken en wordt dan de juiste hoek aangenomen.
4) ‘Loose’ dan wordt de pijl afgeschoten oftewel gelost.